Naar de inhoud
NIEUWE PSALMEN

Bijbeloverdenkingen

Vrucht dragen op zijn tijd

Psalm 1:3 · 3 min lezen

Overdenking

Psalm 1 vergelijkt de mens die zijn vreugde vindt in Gods onderwijzing met een boom, geplant bij waterstromen.

Het is een beeld van leven, vruchtbaarheid en bestendigheid. De boom heeft een vaste plaats en wordt voortdurend gevoed door het water waaraan hij staat.

Maar midden in dat beeld staat een klein detail.

De boom geeft zijn vrucht op zijn tijd.

Niet op ieder moment. Niet wanneer iemand besluit dat het tijd is om te oogsten. De vrucht verschijnt wanneer daarvoor de tijd gekomen is.

Dat is een opmerkelijke gedachte in een wereld waarin we gewend zijn om groei aan resultaten af te meten.

We willen vooruitgang zien. We willen weten of onze inspanningen iets opleveren. We plannen, meten en vergelijken. En wanneer resultaten uitblijven, vragen we ons al snel af of we wel op de goede weg zijn.

Ook in ons geloof kan die gedachte binnensluipen.

We verlangen ernaar om geestelijk te groeien. Om geduldiger, liefdevoller of standvastiger te worden. Maar soms zien we weinig verandering. Soms komen we dezelfde zwakheden opnieuw tegen en vragen we ons af of we eigenlijk wel groeien.

Psalm 1 richt onze aandacht echter niet allereerst op wat de boom voortbrengt.

De dichter begint bij de plaats waar hij geplant is.

De boom staat bij waterstromen. Zijn vruchtbaarheid staat in verband met de bron waaruit hij wordt gevoed.

Dat sluit aan bij het beeld uit Jeremia 17. Ook daar wordt de mens die op JHWH vertrouwt vergeleken met een boom bij het water.

Maar Jeremia voegt een belangrijk gegeven toe. Die boom krijgt ook te maken met hitte en droogte. Het vertrouwen op JHWH betekent niet dat moeilijke omstandigheden uitblijven.

Toch blijft de boom verbonden met het water.

Daarin ligt een belangrijk verschil tussen vruchtbaarheid en zichtbaar succes.

Psalm 1 zegt ook dat alles wat de rechtvaardige doet zal slagen. Die uitspraak moeten we serieus nemen, maar niet losmaken van de rest van de psalm. Het gaat hier niet om een eenvoudige garantie dat iedere onderneming lukt of dat een rechtvaardig mens nooit tegenslag ervaart.

De psalm beschrijft de bestendigheid van een leven dat geworteld is in Gods onderwijzing, tegenover een leven dat uiteindelijk geen standhoudende grond blijkt te hebben.

Misschien beoordelen we onze geestelijke groei daarom soms te veel aan de hand van wat onmiddellijk zichtbaar is.

Een boom kan niet op ieder gewenst moment vrucht voortbrengen. Maar hij kan wel blijven staan waar het water stroomt.

En misschien vraagt het leven met God ook om dat geduld.

Niet omdat vrucht dragen er niet toe doet. De psalm noemt die vrucht juist nadrukkelijk.

Maar omdat de vrucht niet los verkrijgbaar is van de bron waaruit zij groeit.

De vraag is daarom niet alleen hoeveel vrucht ons leven vandaag laat zien.

De vraag is ook waaruit wij iedere dag opnieuw ons leven laten voeden.